Consult

Door langdurig ziekteverzuim wordt bijna 4% van de werkuren in Limburg niet gepresteerd

Hasselt, 25 april 2018 - Het langdurig ziekteverzuim is in de 4 jaar van 2014 naar 2017 nationaal met 20 % gestegen, zo stelt hr-dienstverlener ACERTA vast na een analyse van de gegevens van werknemers in dienst bij meer dan 40.000 werkgevers de voorbije 4 jaar. In Limburg is de stijging milder (12 %), maar dit is geen reden om te juichen: Limburg heeft reeds lang het hoogste ziekteverzuimpercentage van alle Vlaamse provincies. Lang, middellang en kortstondig ziekteverzuim, het vreet aan de capaciteit van bedrijven. Met een globaal verzuimcijfer van 8,42 % steekt Limburg trouwens torenhoog - +25 % - uit boven het Vlaamse gemiddelde van 6,69 %.

Limburg hoogste percentage langdurig ziekteverzuim

Het hoogste percentage niet-gepresteerde werkbare uren komt van medewerkers die langer dan een jaar ziek zijn en dat percentage is de voorbije vier jaar blijven stijgen. Onlogisch is dat niet: iemand die langer dan een jaar ziek is en ziek blijft, blijft in de statistieken jaar na jaar meetellen. Dat maakt de realiteit er niet minder problematisch op.

Figuur 1: evolutie percentage ziekte-uren in > 1 jaar in Limburg (2014-2017, cijfers ACERTA)

 

Gert Mertens, kantoordirecteur Hasselt: ”Voor 2017 komen we voor Limburg aan een percentage ziekteverzuim van meer dan 1 jaar van 3,72 %, het hoogste percentage van Vlaanderen. Het komt overeen met een stijging met goed 12 % in 4 jaar tijd. In de categorie arbeiders is het nog erger, daar ging 6 % van de uren op aan ziekte langer dan 1 jaar, een stijging met 14 % tegenover 2014. Met de reglementering inzake re-integratie, in voege sinds 1 december 2016, zullen er hopelijk stilaan minder gevallen van langdurige ziekte bijkomen. Dit kan het begin zijn van een ommekeer. Maar gaan we de langdurig zieken die er al zijn laten zitten, terwijl we met een arbeidskrapte kampen? Dat talent zit daar nog. Voor de maatschappij is het belangrijk dat we een belangrijk deel van deze langdurig zieken kunnen reactiveren op de arbeidsmarkt. Daar zitten vast mensen bij die op een nieuwe, haalbare kans zouden ingaan als ze hiertoe aangemoedigd worden.”

Ruben Lemmens, gedelegeerd bestuurder VKW Limburg en gedelegeerd bestuurder Medilim (controle op arbeidsverzuim):  “Bijna iedere Limburgse werkgever worstelt met de invulling van openstaande vacatures. Het baart ons zorgen dat we in Limburg worden geconfronteerd met een hoger ziekteverzuim dan  in de rest van Vlaanderen. Het is cruciaal dat iedere ziektemelding van dichtbij opgevolgd wordt en dat  via controles, snelle consultaties bij de arbeidsgeneesheer en  re-integratietrajecten. De eerste  maanden van de ziekteperiode zijn bepalend voor de eventuele terugkeer van de zieke werknemer naar de werkvloer. Kort op de bal spelen door de werkgever is de boodschap. Dat neemt niet weg dat het ook erg belangrijk is dat iédereen zijn verantwoordelijkheid opneemt om de economische impact van ziekteverzuim te beperken: de arts via een correct voorschrijfgedrag, de werknemer die er alles aan doet om zo snel mogelijk terug te keren, zo mogelijk ook voor het einde van de voorgeschreven ziekteperiode.”

Minst kortstondig ziekteverzuim bij 55-plussers

Het kortstondig ziekteverzuim, i.e. korter dan 1 maand, is de voorbije 4 jaar in Limburg met 7,12 % gestegen, van 2,45 % van alle werkbare uren naar 2,63 %, berekent ACERTA, en ook daarmee heeft Limburg in Vlaanderen het record. Vertaald in arbeidsdagen betekent dit dat gemiddeld elke voltijdse werknemer bijna 7 dagen per jaar kortstondig ziek is.

Verrassing als we het ziekteverzuim onderzoeken in functie van de leeftijd van de werknemer: het is de categorie tussen 30 en 35 jaar die voor het korte ziekteverzuim het hoogste piekt. Hun percentage ziekte-uren komt zelfs 18 % hoger uit dan dat van 55-plussers, die het met 2,39 % beter doen dan gelijk welke jongere leeftijdsgroep.

Figuur 2: percentage ziekte-uren korter dan een maand volgens leeftijd voor Limburg (2017, cijfers ACERTA)

 

Gert Mertens: “Elke ziekteperiode begint met 1 dag, ook de langere. Het is dus heel belangrijk voor werkgevers én leidinggevenden om bij elke ziektemelding alert te zijn. Want als er iemand uitvalt, komt er meteen extra druk op het team en op de prestaties. En de financiële kost van kortstondig ziekteverzuim is voor de werkgever.”

Middellang ziekteverzuim laagst en stagnerend

Ziekteverzuim van langer dan een maand maar korter dan een jaar – middellang ziekteverzuim - is er in Limburg de oorzaak van dat in 2017 2,06 % van de werkbare uren niet werd gepresteerd. Dat is het laagste percentage van alle drie de ziekteperiodes die we onderscheiden (kort, middellang en lang). Anders dan bij het kortstondige verzuim stijgt het middellange verzuim wel met de leeftijd, tot de leeftijd van 55 jaar. Zo vertegenwoordigt deze vorm van verzuim 1 % van het theoretisch aantal arbeidsuren in de leeftijdscategorie 20-24 jaar en stijgt tot 2,69% in de leeftijdscategorie 50-54 jaar. Daarna daalt deze vorm van verzuim weer. Gert Mertens: “Vergelijken we 2017 met 2014, dan stellen we ook in Limburg nagenoeg een stagnatie vast en dat niettegenstaande dat de beroepsactieve bevolking veroudert. Is dat het re-integratie-effect? Zou kunnen. Sinds de overheid het re-integratietraject officialiseerde eind 2016, is er algemeen meer aandacht voor de impact van ziekteverzuim. En niet alleen voor de beoogde re-integratie, ook voor preventie. Bedrijven beginnen werk te maken van een aanwezigheidsbeleid. En ja, ze doen dat ook omdat ze wel moeten. De druk komt zeker niet alleen van de overheid, ook de krapte op de arbeidsmarkt verbiedt werkgevers te ‘morsen’ met talent. Een meerwaarde-medewerker, daar wil de werkgever wel wat moeite voor doen om die (aan het werk) te houden.”

Meer info over dit persbericht

Contacteer Sylva De Craecker